| juni
2006 Oorlog (2)
“De basis van succesvolle
verkoop ligt bij de marketing.” _ “Marketing
is zinloos zonder een sterk verkoopteam.”
_ “Goede marketing maakt het verkoopapparaat
overbodig.” _ “Marketing is geen
vak, maar een vat vol hoopvolle carrièremensen.”
_ “Als verkopers echt zo goed waren, zouden
ze ons (marketing dus, red.) niet nodig hebben,
maar niets is minder waar.” Zomaar een
greep uit opmerkingen die mij door diverse mensen
zijn toegeworpen.
Wie heeft er nu gelijk? Volgens mij vormt deze
vraag een heel verkeerd uitgangspunt. Want als
je daarop een antwoord probeert te geven, ga
je voorbij aan de werkelijke problematiek. Het
succes of falen van verkoop (en daarmee ook
marketing) ligt zowel aan de organisatie als
geheel, als aan de markt waarin men zich begeeft.
Dat laatste is net zo belangrijk als het eerste
en vaak weinig of niet te beïnvloeden.
Opmerkingen als hierboven komen volgens mij
eerder voort uit het onvermogen om succesvol
samen te werken. En/of de mate waarin afgunst,
onbegrip en onwetendheid een rol spelen. Traditioneel
is de opgetrokken wenkbrauw van de verkoper
wanneer de organisatie besluit een marketingafdeling
op te zetten. Dit wordt door sales vaak gezien
als bedreiging. Of neem de complete verwarring
van sales wanneer de marketingafdeling een interne
presentatie geeft van de te volgen strategie.
Verder kennen we de ergernis van verkopers over
marketeers met een ‘ik-blijf-achter-mijn-bureau-syndroom’.
Maar marketeers doen op hun beurt ook vaak een
duit in het zakje. Ze voelen zich verheven boven
de verkopers, zien hen als ‘minder’
en vegen hun problemen al snel van tafel als
zijnde ‘triviaal’. Jammer!
Ik verkondig het geloof van succesvolle samenwerking.
Iedereen mag zich daarin het beste individu
voelen. Wat maakt mij (en de markt) het uit
wie belangrijker is?
Terug naar overzicht |